God, onze Vader, lof zij U gebracht

1
God, onze Vader, lof zij U gebracht.
Wij danken U in geest en werkelijkheid,
dat in Uw Zoon wij tot U zijn gebracht.
Dit is Uw eeuwige verworvenheid.
2
Door Hem zijn alle werelden ontstaan,
ook draagt Hij alles door het Woord van Zijn kracht.
Toch mogen wij U nad’ren in Zijn Naam,
U zij de heerlijkheid, lof, eer en macht.
3
Jezus, Uw Zoon leidt ons in heerlijkheid,
in de Gemeente waar U lof ontvangt.
O, wat een vreugde en tevredenheid,
een deel van U te zijn volgens Uw plan.
4
O, wat een blijdschap hier in dit bereik,
met God de Vader en de Zoon vereend.
Niets kan ons scheiden tot in eeuwigheid,
God en de mens zijn hier vermengd tot één.