Mijn leven dat is Christus, de Hoop der heerlijkheid

1
Mijn leven dat is Christus, de Hoop der heerlijkheid.
In Hem opnieuw geboren, Hij leeft nu Zelf in mij.
Mijn lichaam wordt verheerlijkt, wanneer Hij komt met macht.
Geheel aan hem gelijk, in heerlijkheid!
  Hij komt, Hij komt, en Hij verheerlijkt ons.
Mijn lichaam dat verandert Hij, het wordt aan Hem gelijk.
Hij komt, Hij komt, verlossing wordt ons deel.
Hij komt voor al Zijn heiligen, brengt ons in heerlijkheid.
2
Verborgenheid van God is Hij, de Hoop der heerlijkheid.
Hij deelt met mij Gods volheid, en brengt God Zelf in mij.
In elk deel van mijn wezen, vermengt Hij God en mens.
Zijn heerlijkheid voor eeuwig, is nu ons deel.
3
Voor mij is Hij verlossing, de Hoop der heerlijkheid.
Mijn lichaam wordt behouden, bevrijd van zond’ en dood.
Hij komt en maakt mijn lichaam, zo heerlijk en volmaakt.
Want Christus’ overwinning, verzwolg de dood.
4
In mij schrijft Hij geschiedenis, de Hoop der heerlijkheid.
Zijn leven, mijn ervaring, want Hij is één met mij.
Hij komt in eeuw’ge glorie, Zijn vrijheid is voor mij.
Nu één met Hem volledig, in eeuwigheid.